Baby aan boord!

Een derde baby heeft het leven gelaten in die alomtegenwoordige potentiële moordmachine die de auto is, we kennen allemaal heel goed de mogelijke ravages die een rijdend vehikel kan aanrichten bij menselijke of dierlijke wezens, maar de voorbije maanden belicht de schijnwerper der tragiek een andere sinistere kant van koning Auto: het verstikkende en uitdrogende karakter van zijn afgeslotenheid, een kant die heel zelden op de voorgrond treedt, maar nu tot drie keer toe het nieuws haalt op een wel bijzonder desastreuze manier.

Er was het geval in België, niet lang daarna één in Nederland en nu in Frankrijk, in de eerste twee gevallen ging het om de moeder, in het laatste om de vader, onvoorstelbaar is dat, het leed van de  plotse ontdekking moet zich door het hart van de ouder boren met de kracht van een neerrazende meteoor, om nog niet te spreken over de impact op het gezin, nee hierover geen grapjes of cynisme of smalende woorden, dit is rauw, hard, wreed, bruut.

‘Het had niet mogen gebeuren’, weerklinkt dan bij dit soort drama’s, ‘Hoe kon die mama in godsnaam haar eigen kind vergeten in de auto?’, zegt een ander, nog een ander leeft uitsluitend mee met de gedoemde ouder en wijst met een beschuldigende vinger naar het jachtige leven, druk druk druk, een voltijdse baan, kinderen, het huishouden, geen wonder dat een mens stress krijgt, en zoals altijd zullen ze allemaal wel ergens een stukje gelijk hebben, hét gelijk bestaat immers niet, nergens, ieder mens heeft er slechts een brokje van in bruikleen.

Een ongeluk komt nooit alleen, luidt het cliché, ook in dit geval zweren diverse elementen samen om te resulteren in het fatale plot, er is niet alleen de moeder of vader die, het hoofd warrig, de auto parkeert, eruit stapt en naar het werk gaat, nee, het warrige hoofd, bezig met duizend-en-een zaken, is weliswaar het hoofdelement in de chain of events, maar het drama is alsnog te voorkomen, het is nog niet te laat.

Wat had kúnnen gebeuren:

  • de ouder racet naar het werk, plots kraait de baby/peuter op de achterbank, of lacht die, huilt die, de ouder kijkt verschrikt achterom, ‘och got, bijna vergeten!’;
  • de ouder racet naar het werk, ontwijkt een fietser of ver uitkomende wagen, vloekt binnensmonds, kijkt vermanend door de achteruitkijkspiegel en merkt het topje van het hoofd van baby/peuter, in de babystoel op de achterbank en denkt ‘och got, bijna vergeten!’;
  • de ouder racet naar het werk, parkeert de auto en merkt bij het afsluiten ervan de baby/peuter in de babystoel op de achterbank en denkt het gekende;
  • de ouder racet naar het werk, is wegens de stress in de waan dat baby/peuter reeds afgezet werd aan de kinderkribbe en parkeert; op het werk denkt de ouder plots “verrek, ik heb toch wel degelijk baby/peuter afgezet?”, en gaat de auto checken of, indien dit niet meteen mogelijk is, belt de kinderkribbe, die hem/haar meldt dat baby/peuter niet aanwezig is;
  • de ouder racet naar het werk, een uur later krijgt hij/zij telefoon van de kinderkribbe: “baby/peuter ging toch afgezet worden? verandering van plannen?”;
  • de ouder racet naar het werk, wat later bemerkt een voorbijganger op de parking baby/peuter, eenzaam en alleen in een volledig afgesloten wagen, voorbijganger slaat alarm;
  • de ouder racet naar het werk, de partner van de ouder belt de ouder wat later op, of e-mailt hem/haar: “je hebt toch baby/peuter afgezet he?”;
  • of, in afwezigheid van alle bovenstaande mogelijkheden: de ouder racet naar het werk, baby/peuter blijft achter, eenzaam en alleen, in de volledig afgesloten wagen, vergeten en gedoemd om die dag te sterven, veel en veel te vroeg…

Opdat de mens bepaalde zaken niet vergeet, zijn er wekkers, sirenes, alarmsignalen, agenda’s, elektronische agenda’s, ‘webbased reminder services’, alarm in polshorloge, alarm in gsm, ‘voice mail reminders’, ‘Instant Messenger Services’, allemaal broodnodige gadgets en producten in deze hoogtechnologische en jachtige tijden.

Een alarmsysteem om de bestuurder opmerkzaam te maken op zijn baby/peuter achterin is er nog niet, maar het lijkt nu wel heel duidelijk te zijn dat dit er dringend moet komen, willen dergelijke tragische gebeurtenissen in de toekomst voorkomen worden, vraag ons niet hoe dat technisch moet, al is het een simpel biepsysteem dat om de zoveel seconden een duidelijke *biep* aflevert, of een sensor die meet of er lichaamswarmte achterblijft in de wagen bij het afsluiten ervan en dan meteen een laaiend alarm doet afgaan, of misschien moet er een heus zwaailicht geposteerd worden op het babyzitje achterin dat pas uitgaat als baby uit zitje is gelicht, op die manier kunnen ook voorbijgangers het gevaar opmerken, ingeval de ouder desondanks de wagen verlaten heeft, om het even wat voor alarm of signaal, zolang het de ouder maar absoluut on-mo-ge-lijk wordt gemaakt om zijn kroost te vergeten, op die moorddadige achterbank.

Zo moeilijk kan het implementeren van een dergelijk systeem toch niet zijn. Een alternatief is deugdelijke afspraken met de kinderkribbe of onthaalmoeder of waar baby/peuter ook heen moet: is die er niet op het afgesproken uur, dan wordt iets gedaan, de ouder wordt opgebeld of ge-sms’t of wat dan ook. Het kan toch zo niet verder?

Baby aan boord. Misschien hoort de sticker eerder op het dashboard dan op de achterruit.

Gepubliceerd in: on juni 23, 2007 at 4:27 pm Reacties (3)

De trackbackURI naar dit bericht is: http://hermanb.wordpress.com/2007/06/23/baby-aan-boord/trackback/

RSS feed voor reacties op dit bericht.

3 Reacties Leave a comment.

  1. “Hét gelijk bestaat immers niet, nergens, ieder mens heeft er slechts een brokje van in bruikleen.”

    Die is raak!

    Ik merk trouwens dat veel wagens met ‘Baby aan boord’ op hun achterruit zich het minst van al aantrekken van de verkeersregels en zelfs levengevaarlijke manoeuvers uithalen. Heel aanstootgevend vind ik dat. Hetzelfde geldt voor die monovolumes.

  2. De verkeersfrapatsen van bestuurders van een ‘Baby-aan-boord’-wagen zijn mij nog niet zo opgevallen. Ik schiet pas wakker als ik een auto bemerk met de sticker “Let op! Voorbeeldige bestuurder aan boord”.

  3. Bij die mannen ga ik altijd bumperkleven. Gewoon kijken hoe lang ze het uithouden, dat voorbeeldig zijn.


Leave a Comment