“b&iw! srry dak 2L8 b&: b& mt mn nwe gbrde trui Rgns 8ter blyvn Hkn: mst ds 1st nr Oma, om ‘m te ltn mkn!”
Noem ons gerust oude zakken, dan noemen wij u wel jong grut, zo gaat het lekker en blijven alle oude vooroordelen mooi bestaan, ze komen immers ergens vandaan, die vooroordelen, die oude zakken trouwens ook, en dat jong grut nog maar pas, ach hoe dan ook proberen we onze tijd een klein beetje bij te blijven (we zijn dan ook niet zo oud dat we ons de vorige wereldoorlog nog levendig voor de geest kunnen halen, en zelfs dan, er bestaan best wel oude knarren die iedereen nog verbazen door hun interesse ende schranderheid in het omgaan met de nieuwste technologische snufjes) – goed, we zijn dus toch nog een beetje mee met onze tijd, en die tijd spelt Internet, e-mail, gsm, sms, ook wel een beetje Playstation en Xbox, maar die laatste speeltjes gaan ons noodgedwongen wat voorbij om reden van onze onweerstaanbare drang tot verslaving aan al of toch veel wat ook maar neigt naar spel ende amusement; sommige ergernissen werden hier al eerder uit de doeken gedaan, het alomtegenwoordige commentaarverhoereren bijvoorbeeld, de misselijk makende kruisbestuiving der bloggers, de grootmondigheid van vele forummers, en hier komt dan zomaar gratis voor niets een nieuwe doorn in het oog voorbij huppelen, met name de onhebbelijke neiging van bepaalde idiote randfenomenen om een eigen leven te leiden en zelfs de schijnwerpers op te eisen in een vorm die je doet afvragen of het nu toch echt heus niet om een parodie gaat en het besef dat het echt wel menens is je terstond doet graaien naar de emmer maar het is al te laat, wie overgeven moet vindt licht een emmer is in ieder geval ten huize Godgeklaagd een loos spreekwoord.
Nu we eindelijk aangekomen zijn op het punt waar we van meet af aan naar op weg waren en dit wordt dan meteen maar aangekondigd met een draak van een zin – deze dus – en ondertussen heeft alweer het gros van de lezers inmiddels afgehaakt, je moet immers van goeden huize zijn om te volharden in de boosheid en deze ellenlange stukjes braaksel in hun volledigheid te consumeren, het punt dus en eindelijk de openbaring van de nieuwste bron der ergernis - bron die allicht nooit zal opdrogen, tenzij de wereld vergaat, maar ook daarover zullen we dan wel het nodige boompje kunnen opzetten, zij het dan misschien via een ander medium of in een andere gedaante of gewoon volledig esoterisch – volgens een nieuwsbericht bestaat er nu in Nederland immers de Gouden Duim, en dat is geen speciale beker of titel die uitgereikt wordt aan ’s lands meest verdienstelijke dwerg of postzegelplakker of zelfs welwenser (u weet wel, als in de zinsnede “ik duim wel”), nee het gaat hier om een heuse “Literatuurprijs” (let op de aanhalingstekens, die staan er voor een reden hoewel ze eigenlijk absoluut niet van doen zouden mogen zijn), een literatuurprijs dus, maar dan wel voor het mooiste… sms’je, nee we zeggen het fout, het gaat om het “leukste sms’je”, nog een geluk, “mooiste sms’je”, dat leek ons sowieso een contradictie van formaat, en ook “leukste sms” heeft zowat dezelfde weerklank als ”sympathiekste moordenaar” of “plezantste dode” of “eerlijkste politicus”, een sms ís gewoon niet leuk of mooi of wat dan ook, een sms is een onding, het kost niet veel, je geeft er jezelf een houding mee en vooral, je mag eens te meer je eigen taal verneuken, net als in de meeste fora op Internet, geen wonder dat de populariteit immens is, dat een mens minder en minder zijn eigen taal machtig dient te zijn is één ding, Hiroshima hebben de meesten onder ons ook overleefd, dat de jeugd een eigen taaltje ontwikkeld heeft dat hen natuurhistorisch gezien een flink aantal eeuwen terug katapulteert (onze voorouders hadden niet veel meer tot hun beschikking dan wat kreten en handgebaren) en ze daar nog trots op lijken te zijn is een ander, maar wat ons echt voor het hoofd schiet – was het maar letterlijk zo, merkt de vermoeide lezer dezes op – is dat men zich verwaardigt de woorden “sms” en “literatuur” in één zin te vermelden en er ook nog een prijs aan vast kleeft! U had het al door, het winnende kunstwerkje prijkt in al zijn glorie hierboven, als titel, het omzetten in mensentaal doen we niet, want we houden onze handen af van kunst, wat we enkel nog kwijt moeten: Proficiat, Nikki Allers uit Haelen, u bent ongetwijfeld apetrots.
Foto van de week

Opletten? waarvoor? en die voorbeeldige bestuurder “aan boord” – wat is dat toch altijd met dat boordgedoe, is dat niet eerder iets voor een boot? – die bestuurder dus, is die effectief de bestuurder of is die gewoon een passagier, in dat laatste geval: wat voor nut heeft het de medebestuurders daarop opmerkzaam te maken, in het eerste geval: wat heeft een ieder ook maar een moer aan die mededeling? nee, hoogstwaarschijnlijk gaat het hier niet om over het paard getilde enthousiastelingen die zichzelf een o zo bedreven chauffeur vinden, maar gewoon om een actie van een of andere verzekeringsmaatschappij die mensen met een lage ongevalgraad op dergelijke manier “beloont”, je moet wel gek wezen om dat ding ook effectief op je auto te kleven, gisteren trouwens dit onding voor het eerst opgemerkt, ach eigenlijk zou niemand dit hoeven te manifesteren maar zou iedereen het eigenlijk hoeven te zíjn, aan de andere kant, wie zonder zonde is, werpe Willy Vandersteen.
Second Life
Toen duidelijk werd dat sommige Internettende lieden zichzelf nogal verloren in hun activiteiten op het Web en anderen hen dan ook terecht naar het hoofd slingerden “Get a life!”, had dit een onverwacht effect, pure ironie: ze creëerden er gewoon een tweede, Second Life dus, één van de uitwasemingen als gevolg van de immer interactieve, bruisende, hier en daar compleet geschifte moderne communicatiewereld, Second Life biedt de Internettende mens de mogelijkheid om zichzelf een puur virtuele – wat anders – identiteit aan te meten on line (off line is die identiteit in vele gevallen compleet spoorloos en is men amper in staat om de trein te nemen zonder constante begeleiding van walkman of anderszins entertainend apparaatje, men zou immers maar eens botsen op de échte wereld, wat dan!), zoals verwacht had dat Second Life, waar we overigens voor de rest heel weinig van afweten en de reden daarvoor is simpel: het kan ons geen moer schelen, dat Second Life dus had zoals verwacht enorm succes, de laatste keer dat we keken (en dat was tegelijk ook de eerste keer) hadden ze 6.240.591 ‘residenten’, een enorm pak natuurlijk, geef die maar eens te eten, maar, maar, daaronder een intrigerender getal: 1.708.177, al heel wat minder en al minder een probleem om te voeden als de meute opeens bij je thuis aanlandt, die 1 miljoen en een handvol zijn immers residenten die de voorbije twee maanden actief waren, de vraag is of die andere 4.532.414 (wie ons in onze arithmetische vingeroefeningen betrapt op een rekenfout mag rekenen op een virtueel pak slaag, in de echte wereld zijn we namelijk zo laf en mak als een dode huismus, hier echter zijn we stoer ende onversaagd), of dat pak mensen dus dat ofwel de interesse verloren heeft, ofwel het paswoord, ofwel gewoon het Licht gezien heeft, en in sommige gevallen, ongetwijfeld, het lot van bovenvermelde dode huismus gevolgd heeft, willens nillens, of dat deel dan wel eigenlijk vermeld mag worden, zo kan een supermarkt of een lokale afdeling van IKEA dan ook wel vermelden: “wij hebben 9.223.949 klanten” en dan blijkt dat dat alle klanten zijn die ooit een kassa daar gepasseerd zijn sinds 13 maart 1958, enfin u begrijpt waar we naartoe willen, die 4 miljoen verloren zonen en dochters zijn ook niet allemaal precies twee maanden geleden in rook opgegaan, sommigen allicht al heel wat langer geleden, misschien zelfs jaren, hoe ruikt een ontbindend virtueel lichaam?
En de avatar (een ferm woord dat eigenlijk betekent: je virtuele evenbeeld, een foto, je smoel, een oog, een komisch figuurtje, een teken, ieders fantasie creëert het eigen onding), krijgt die dan ook automatisch rottingsplekken, worden zombies in Second Life ook effectief zombies?, en zijn per definitie niet alle adepten daar zombies, al vanaf hun eerste intrede? nogmaals, we beweren hier niet experten te zijn, nergens in eigenlijk, maar als men leest dat in dat virtuele wereldje omgegaan wordt met “echt geld” en bedrijven zich daar nu profileren en er zelfs gewaarschuwd wordt voor mogelijke witwaspraktijken, dan voelen wij terstond een rare gewaarwording aan een van onze vingertoppen, vreemd, het topje heeft een rare kleur, het lijkt wel een loodplek, en die breidt zich uit, mijn god, de hele vinger is al omringd door dat loden omhulsel, is het lood, wat? nu al de hele hand, mijn god dit is de Matrix!
Second Life, net als de Matrix, is overal, hier een redelijk getrouwe weergave van eigen belevenissen, de dagboekvorm, daar als pure constructie van het Zelf, maar dan mits de nodige opsmukkingen, is dat wel een bestaand woord, maakt het ook wel iets uit, Lars von Trier is depressief, Jeroen Brouwers schrijft een boek, ‘and what with the price of coal’, zo heb je lui die onderhand vast al niet meer het onderscheid kennen tussen werkelijkheid en fictie, elke dag herscheppen ze zichzelf op hun virtuele stekje, in tegenstelling tot de Second Lifers, die er tenminste open en bloot voor uitkomen, treden zij naar voren als Echte Mens, maar de verhalen zijn vals en verzonnen, de eigenwaarde, voorheen zo plat als een lekke band, wordt stelselmatig opgepompt via haast subtiele zelfverheerlijking, het Ik als een Held, dit fenomeen is best wel lachwekkend en het gaat hier dan ook om uitzonderingen, wat het een beetje een nare smaak geeft is dat de frequente bezoekers (hun aantal is recht evenredig met de populariteit van bewuste webstek, denk hier maar even over na), dat die bezoekers dus ofwel goedmoedig zijn ofwel naïef en klakkeloos de hun opgediste verhalen slikken, het is wachten op de dag dat bewuste schrijver het relaas geeft van zijn ontmoeting met een buitenaards wezen, dan nog mag je erop rekenen dat minstens 1 bezoeker bezorgd zal vragen of het pijn deed, ach, wat doet pijn en wat kan al niet meer pijn doen, deze wereld doet pijn, vroeger omdat die stekels leek te hebben, nu omdat die geen stekels heeft en gewoon ronddraait en een vaste bodem biedt aan alles, ook datgene dat geen grond onder de voeten heeft.
Altijd welkom…, maar nu even niet

Zelfbeschikking, democratie, onafhankelijkheid, scrupules, integriteit, het zijn allemaal termen die op zich niet al te veel zeggen, en in de praktijk helaas meestal al evenmin, de geschiedenis en het heden en de toekomst zijn zwanger van bewijzen, waar de ene daad een laffe daad van terrorisme is, is de andere al even terroristische daad een uitvoering door de geheime dienst van een ach wat baat het, alles is van voorbijgaande aard, sommige dingen blijven maar die zijn ook niet echt meer wat ze ooit waren, het geweld, vooral dan gericht naar “de andere”, voorheen een exclusief pleziertje van het uitschot der steden - het geboefte kan best een spoedcursus gaan volgen in het Verenigd Koninkrijk, want daar hebben ze er wel pap van gegeten - het geweld dus, dat zich aandient in kameleonvorm, nu eens is het een uitspatting wegens culturele verschillen, dan weer wegens een politieke beslissing, of een verkeerde uitspraak door een politicus, hoe veel redenen men ook mag bedenken ofte opdissen, er is maar één hoofdreden, -oorzaak en -schuldige: het crapuul, het eerder genoemde uitschot, om geweld te plegen heeft dat immers generlei reden nodig, ze doen het graag, het geeft hen een kick, ze hebben niets anders omhanden, als dit al te simpel ende naïef en wat dan ook klinkt, het zal ons alweer eens worst wezen, hoe we ondertussen zo verdiept zijn geraakt in geweld, het is een raadsel, want eigenlijk wilden we het hier even hebben over dit land, dat zichzelf laat commanderen wie hier welkom zou mogen zijn of niet, ja, uiteraard hebben we het hier over China, met ijzeren hand regerend over het gestolen Tibet, en de Dalai Lama, ‘buddy’ van Richard Gere zoals eerder aangehaald, en tot twee maal toe uitgenodigd in dit land, dit keer om een toespraak te houden bij de opening van de vijfde conferentie ter steun van Tibet.
En dan steigert China (wat, China, een land kan toch niet steigeren, welja, toch wel, een land kan steigeren, als het groot is, en veel volk heeft, en, vooral, als het economisch van belang is) en dan trilt België en laat het bevend weten aan de Dalai Lama, Yo Lama, je komt dus af volgende week? schitterend, nee hoor, geen probleem, alles is geregeld, we zullen ons een paar cocktails binnengieten op een terrasje, het is immers mooi weer, goed? wat? o juist, je drinkt geen alcohol, nou ja, een alcoholvrije cocktail dan, goed dan zien we je dan wel, Lama, verder nog iets? o ja, waren we bijna vergeten, ze doen weer ambetant, die chinezen, net zoals twee jaar geleden, wat? neen, niets ergs hoor, is maar dat onze prins flup binnenkort weer naar ginder moet, ja om te flemen, en ze mekkeren een beetje dat hij wel ginds gaat, maar wij hier ondertussen jou binnenlaten, alsof je osama bent of zo, nee hoor, ze mekkeren maar, we beslissen toch zelf wel wie hier te gast is? nee echt, maak je geen zorgen, het zou wel kunnen leiden tot een conflict natuurlijk, misschien is prins flup daar wel niet meer welkom, met alle gevolgen vandien, en dan? ze hebben ons de les niet te spellen, kom jij maar rustig af, Lama, en doe je speech maar, per slot van rekening heb je de vorige vier edities ook meegemaakt, in duitsland en tsjechië, daar hebben ze ook niet het nederige sexslaafje gespeeld ten opzichte van het machtige china, nee doe maar, nu ja, misschien is het toch maar beter dat je niet komt, om de rust te bewaren snap je? je bent toch een voorstander van rust en vree, niet? altijd welkom natuurlijk, we zijn een democratisch land, maar, juist… ja, klopt, een andere keer misschien, yo Lama…
En de brave man accepteert het, en het kleine land verhoereert zich eens te meer, en het is een oeroude waarheid dat het kordate en eerlijke ”Je bent niet welkom” in alle omstandigheden en altijd veruit te verkiezen is boven “Je bent altijd welkom…, maar nu even niet”.
De Zin van de Onzin en het Eeuwige Winstbejag
Bovenstaande titel lijkt wel die van een essay, wees niet bang, hier bedrijven wij geen essays, dat laten we over aan de vakidioten en al even idiote werkgroepen of dergelijke, die studies bestellen bij al even luchtige professoren ofte organisaties, die dan zich een paar weken of maanden zoet houden met het blazen van kauwgombellen of neen, zich ernstig verdiepen in het aangeboden ende gesolliciteerde studieonderwerp, onderwijl papieren proppen mikkend in een voor de gelegenheid als basketmand dienstdoende prullenmand (dienen ze daar allemaal niet voor? zijn prullenmanden niet gewoon uit de adel verstoten basketmanden net als Satan ooit de favoriete engel van God was? u vraagt of wij al iets gerookt hebben, neen, dat hebben wij niet) en onderwijl op allerlei manieren de tijd dodend, om dan na verloop van tijd tegen betaling van ettelijke duizenden euro’s (dat is inderdaad de correcte vorm van het meervoud van een euro, mogen al die godgeklaagde grapjassen – vooral Nederlanders dan, wat had u gedacht? – die het steevast semi-nonchalant over “euri” hebben, de Noordzee in gedreven worden, onder begeleiding van een oorverdovend gebrachte versie van “Sail away” door David Gray), tegen betaling van een decadente som het resultaat van de studie te overhandigen, eventueel onder belangstelling van de al even decadente pers, en dat resultaat wordt dan uiteindelijk door de opdrachtgever voorgesteld op een of ander congres, en zowel het object als de opdrachtgever als de opdrachtuitvoerder hebben één ding gemeen: ze bestaan uit gebakken lucht. En de keizer, die paradeerde voort, zijn piemeltje ende ballen lichtjes heen en weer zwaaiend tijdens het schrijden, terwijl het volk deemoedig neerzijgt en vol ontzag (of is het om een plotse schaterlach te vermijden, neen het zal wel ontzag zijn, en een compleet gemis aan verstand) de ogen afwendt.
We hebben het hier nog steeds over het Internet, die ongelofelijke vierde dimensie, dat heelal der ongebreidelde mogelijkheden, die fantastische wereld der cyberexploten, pas op, dit menen we, het is niet omdat we weids schrijven dat we alles zomaar verzinnen, kijk maar naar de Bijbel, wat ons het meest vertedert aan het Internet is dat er bijna alles mogelijk is, goede dingen, slechte dingen, onnozele dingen, maar vooral, dat er een zekere graad van informaliteit en nonchalance doorgedrongen is via dat medium wat voorheen niet denkbaar was, bedrijven spreken de consument op hun website losjes toe, bieden een grappige download aan, andere sites tonen een hip profiel van de medewerkers achter de schermen… het is allemaal heel erg ‘je’ en ‘jouw’ en niet zozeer meer de ‘u’ en ‘uw’ van voorheen, toen alles nog via tv of radio of gedrukte pers liep, toen was alles heel erg statisch ende to the point en, om het rechtuit te zeggen saai, vandaar ook dat een paar guitigaards die losse ‘alles-is-mogelijk’-sfeer verder doorgetrokken hebben en ook websites hebben opgezet die eigenlijk helemaal niets doen, die zo goed als geen inhoud hebben en er louter zijn als gadget, je weet wel wat we bedoelen, “hier eindigt het Internet”-toestanden, toevallig kwamen we onlangs op een variant daarvan, we bedoelen dan turnofftheinterweb.com – jawel, ontkurk een fles, we hebben het gepresteerd een heuse link te publiceren in één van onze stukjes! – voor u daarheen flitst, blij eindelijk een valide excuus te hebben om deze woordenbrij te ontvluchten, toch even een woordje uitleg, bedoelde site is er een van het minimalistische type, louter bestaande om uiting te geven aan een ‘inside joke’ - een beetje zoals de paus, quoi – in dit geval zou het gaan om een site waar je het Interweb kan afzetten, het licht uitdoen, de kraan dicht, de stop erin, de kap aan de wilgen, enfin, u volgt ons wel, via het schermvoorbeeld hebt u al gemerkt wat het inhoudt, een leeg veld, zwart, met daarin de typische “aan/uit”-knop. U voelt het al komen, na het klikken op de knop volgt er absolute zwartheid, het niets, het Interweb is afgesloten, uitgezet, op non-actief, sorry dat we dit verklappen voor degene die het zelf nog niet uit heeft kunnen proberen maar wie zich daadwerkelijk laat verleiden om op dergelijke interwebonzin in te gaan is een volslagen idioot, wij kunnen het weten want we zijn zelf ook in de verleiding gebracht, gek toch, hoe een mens met volledige faculteit van zijn gezichtsvermogen in een overduidelijke val der onnozelheid kan trappen, Bill Clinton doemt plots op voor ons geestesoog maar dat is iets voor een heel andere keer, daar gaat het hier dan ook allemaal niet om, de pagina, de knop, waar het om gaat is de geheel misplaatste ‘google ad’ die net onderaan de knop geplakt is, het gaat hier dus niet louter om een geintje, maar om een geintje met winstbejag, met andere woorden, de onzin heeft haar zin gekregen door een advertentie die terzelfder tijd het hele opzet van het geintje ondermijnt, op het einde van het Interweb of zelfs van de wereld verwacht je toch geen bordje met een reclameboodschap, vind je die wel dan lijkt ons dat eerder een pfaffiaanse kraagreclame: idioot ende pathetisch.
Soit, waar wij ons weer druk om maken vandaag, de zon schijnt al wat minder, het waait al wat meer en de wolken rukken alweer op, de dag moet nog komen dat we de wolken zullen kunnen zien afrukken, en waarom heet die geintjessite eigenlijk turn off the interWEB, vraagt u, simpel, omdat turnofftheinterNET.com al bestaat, met een minder geslaagde afbeelding van een knop, maar zonder google ad, integriteit gaat in sommige gevallen nu eenmaal samen met lelijkheid, een levend bewijs daarvan vormt ondergetekende.
Gezaag en gezeur
Als het Internet ons al iets aantoont, dan is het dat we allen enorme zagen en zeuren zijn, dat was altijd al zo natuurlijk, maar dankzij de veeltallige fora, chatrooms en wat nog al meer, o ja, bijna vergeten, de blogs! is dat nu heel duidelijk gemanifesteerd waarvoor dankuwel, voorheen – was er eigenlijk echt waar ooit een voorheen? – had men de occasionele lezersbrief in den Humo of in de krant, in tv-programma’s draafden brave en minder brave lui op om te reclameren over een of andere dienst of product of om diezelfde dienst of datzelfde product te verdedigen tegen de reclamant, we vallen al in slaap louter door erover te schrijven, maar voor de rest was het vooral huisje kuitje keutje of hoezegtmendatookalweer, nee in de royale wereld van het Internet en al wat onder die paraplu op te sommen valt (open 24 uur per dag, 7 dagen per week) kan de rasechte krenterige brompot onder ons zich pas echt openbaren ende ontplooien, en – alsof het niet op kan – dan nog lekker bedekt door de niet zo absolute mantel der anonimiteit, Saramago zei het al in ‘De stad der blinden’: de eerste mens moet nog geboren worden zonder die tweede huid die wij egoïsme noemen, een heel wat hardere huid dan de andere, die bij het minste of geringste begint te bloeden.
En door die tweede huid (bij sommigen lijkt het wel alsof dat hun enige is) begraaft men zich in eigenhandig gegraven loopgraven der kritiek ende conflict, men gaat voor het minste in de clinch, heuse vetes worden uitgevochten met het zwaard der woord, plots heeft iedereen een uitgesproken mening en principes die de moeite waard zijn om voor te sterven, waardoor komt dat toch, kan een mens vragen als die mens waarachtig geïnteresseerd zou zijn in het antwoord, welnu, dat komt door het overaanbod aan thema’s, discussies ende conversies, in sommige fora waren heuse professionele topic starters rond waarvan men uiteindelijk gaat denken dat ze echt waar dat zijn: professionele topic starters, ingezet door de hoge heren van het forum, om de boel draaiende te houden of zo, misschien, misschien gaat het gewoon om lui die niets anders om handen hebben en gekweld worden door elke seconde die niet gevuld wordt door forum. Al gauw, of nee, na verloop van tijd, onderscheiden zich de veteranen, ook wel stamgasten genoemd, wiens enige merite eruit bestaat dat ze al een hele tijd heel vaak hun opwachting maken op het forum, of in de chatroom, met andere woorden dat ze er al heel wat uren versleten hebben, en eigenlijk valt over hen niets meer te zeggen dan dit, over fora op zich al helemaal niet meer, we worden alweer moe, is het die wind, die zon, dat voorjaar, dit land of deze wereld, duidelijker wordt het er niet op, bovendien, nu terug naar de fora, voor even maar, kunnen alle goedbedoelende moderatoren niet verhelpen dat een gigantische hoeveelheid onderwerpen verglijdt naar een punt dat niets of heel weinig meer te maken heeft met het startpunt, wij verwijzen hier naar het hemeltergende fenomeen van een probleem dat we ervaren, dat we na lang zoeken terugvinden als zijnde ervaren door nog iemand op deze aardbol, bij voorkeur in een taal die nog enigszins te ontcijferen valt, en die engel heeft dat dan ook nog eens geplaatst in een forum, geweldig! om dan het hele topic door te nemen en er alles te vinden, gescheld, gesneer, gespot, gespam, gemodereer, gemodder, alles behalve … een bruikbare oplossing.
Minder gezaag en gezeur graag, rare oproep misschien, komende vanop een blog dat de naam ‘Godgeklaagd’ draagt, en in feite vragen we ons af of de volgorde niet anders moet zijn, klinkt “Gezeur en gezaag” niet beter in het oor? straks even een topic over starten op het forum, dan weten we het meteen. Misschien.